Hoe houdt u kleinwild tegen?

Voor kleinwild zijn de faunavoorzieningen anders dan voor grotere dieren. In de richtlijnen die over faunavoorzieningen gaan, staan talloze manieren om het kleinwild te helpen en te beschermen. Echter zijn er een aantal die vaak gebruikt worden en door bijvoorbeeld boeren of landgoedbezitters ook kunnen worden toegepast. In dit artikel gaan we in op de mogelijkheden om kleinwild te beschermen.

Wat verstaan we onder kleinwild?

Onder kleinwild vallen veel verschillende diersoorten. Hazen, dassen, fazanten, otters, marters en konijnen zijn een aantal voorbeelden van kleinwild. Deze dieren leven in het wild, maar door de verstedelijking en de toenemende hoeveelheid aan wegen worden deze dieren geholpen door middel van faunavoorzieningen.

Faunatechnieken voor kleinwild

Wanneer u een boerderij hebt of een groot stuk land buiten de stad, dan kunt u het wild ook een handje helpen met een aantal faunavoorzieningen. Voor kleinwild heeft u onder andere de volgende opties:

  • Kleinwildraster: u kunt langs drukke wegen een kleinwild afrastering plaatsen. Hiermee beschermt u het kleinwild tegen het verkeer en kunt u het kleinwild naar geschikte passages leiden.
  • Kleinwildtunnel: wanneer u een afrastering heeft geplaatst, kan het goed zijn dat u het kleinwild wel een mogelijkheid wil bieden om naar een ander leefgebied te kunnen verplaatsen. U kunt dan een kleinwindtunnel plaatsen. Door de afrastering strategisch te plaatsen, kunnen de dieren de tunnel gemakkelijk vinden. De tunnel is gemaakt van een stalen buis die onder het spoor of de weg wordt geplaatst.
  • Otterraster: otters trekken veel rond en lopen daarom extra risico om slachtoffer te worden van het verkeer. Voor otters heeft Arfman een speciale afrastering ontworpen waarmee otters veilig naar andere leefgebieden te begeleiden.
  • Loopplank: een loopplank wordt meestal gebruikt onder gevaarlijke wegen en spoorwegen. Wanneer de wegen of spoorwegen over water lopen, ontstaat er een tunnel waar geen ruimte is om te lopen. Hier worden dan aan de zijkanten van het water loopplanken van 60 centimeter breed geplaatst zodat het kleinwild onder de weg of het spoor veilig kan oversteken. Over de loopplanken wordt aarde geplaatst zodat het een natuurlijk pad wordt.

Verschillende voorzieningen combineren

De meeste van de bovenstaande oplossingen werken het beste in combinatie met elkaar. Een raster geleidt bijvoorbeeld het kleinwild naar een van de passage mogelijkheden. Wilt u het kleinwild helpen, maar weet u niet zo goed hoe u het beste deze voorzieningen in uw gebied kunt toepassen? Neem dan contact op met de specialisten van Arfman. Dit doet u door een e-mail te sturen naar info@arfman.nl. Zo weet u zeker dat u de juiste voorzieningen toepast.